Navigatie en bammetjes
‘…over vijfhonderd meter, neem de afslag en blijf op de A42…’ ‘Wat de F@ck! Afslaan èn op op de A zoveel blijven? Je moet me echt even helpen hoor.’ ‘Doe ik toch, je gaat zo om Lyon heen.’ ‘… neem de afslag…’ ‘Nee, niet doen! Op deze baan blijven, de navigatie kletst uit z’n nek.’ ‘Pak je eigen navigatie er dan even bij, ik moet nú weten wat ik moet doen, nu!’ ‘Dat lukt niet zo gauw, gewoon doorrijden en dan via de A 43 naar de A 46, dat staat toch op de borden.’ ‘Die zie ik niet zo snel. ‘ ‘Boomer…’ Telefoon! ‘Nu even niet!’ ‘Daar, hier moet je eraf, of nee, de volgende… denk ik… of het was toch de vorige… sorry.’

Telefoon! ‘Niet opnemen!’ ‘Maar het is onze jongen.’ “Ja lieverd, met mama, hoe is het? ‘ ‘Over driehonderd meter, neem de afslag en blijf op de…” ‘Nou, ik heb niet zo’n heel leuke mededeling, ben ik bang… ik heb mezelf buitengesloten en de sleutel zit van binnen in het slot…’ ‘Wel verd… Niet zomaar een slotenmaker bellen, daar zitten boeven tussen. Heb je niet ergens een raam open staan? Achter de schuur staat een ladder, kun je niet ergens naar binnen klimmen? Wil je dat proberen, bel je zo terug…’ ‘Daar, dáár moet je eraf…. denk ik.’
‘Wat? ‘Nee jij niet, we zitten een beetje te hannesen rond Lyon.’ ‘Betrouwbare slotenmaker zoeken dan maar?’ Telefoon!
‘Ja lieverd?’ ‘Het is gelukt! ik sta nog te trillen op mijn benen, was even vergeten dat ik hoogtevrees heb. Maar ik ben erin!’ Gezamenlijke zucht van opluchting. Een uur later, weg van de snelweg, op een stille parkeerplaats. We halen even diep adem.
‘Smeer jij even een paar broodjes?’ B is weer de rust zelve. Ik verdwijn in de caravan. ‘Rustig hier hè? Niet bepaald pittoresk, maar wel lekker stil.’ B leunt tegen de auto en steekt een sigaartje op. ‘Zo gek, er zijn hier alleen maar mannen.’
‘Wat moet je nou op de fiets op een parkeerplaats, beetje maf, toch?’ Terwijl ik binnen de broodjes smeer arriveert er een busje, dat direct naast onze caravan stopt op de verder redelijk lege parkeerplaats. Er stapt een aantrekkelijke vent uit, die B vorsend opneemt.
‘We zijn op een hotspot,’ meldt B droogjes terwijl ik als het toonbeeld van gedienstigheid dat ik eigenlijk niet ben, naar buiten kom. Ik kijk glazig.
‘Voor de herenliefde, welteverstaan.’
‘Oh.’ Ik sta een beetje dommig met mijn onnozele bammetjes om me heen te kijken. De jongen werpt een blik op mij, stapt in zijn busje en parkeert 50 meter verderop
Ik ben wel vaker een wandelende teleurstelling geweest, maar zelden zó erg.